President Bakir Izetbegovic van Bosnië weigert de Israëlisch ambassadeur te ontvangen wegens geweld in Gaza. De vice-president steunt hem, maar praat zelf wel met ambassadeur Cohen. Bakir is de zoon van Bosniës ‘oorlogspresident’ Alija Izetbegovic die, beschuldigd van moslim-fundamentalisme, jarenlang gevangen zat.

STEUN RO

De Bosnische president Bakir Izetbegovic heeft geweigerd ambassadeur David Cohen van Israël te ontvangen. ‘Nu er in Gaza voor de zoveelste keer duizend mensen zijn vermoord staat mijn hart mij dat niet toe’, aldus de president. Volgens hem zitten er in Gaza 1,4 miljoen mensen bijeengejaagd op een gebied dat kleiner is dan Sarajevo.

‘Ik kan die man niet ontvangen, ook ik heb recht op mijn emoties’, aldus Izetbegovic die zegt teleurgesteld te zijn over de reacties in de wereld op het Israëlische geweld in Gaza. Hij voelt zich ‘verslagen’ door Duitsland en de Verenigde Staten die beweren dat Israël het recht heeft om zich te verdedigen.

‘Verdedigen tegen wat? Ze hebben dat land gestolen en bouwen er nu hun nederzettingen

‘Verdedigen tegen wat? Ze hebben dat land gestolen en bouwen er nu hun nederzettingen. Ze negeren alle resoluties van de Verenigde Naties en nu hebben sommigen begrip voor hun geweld tegen zwangere vrouwen en kinderen,’ aldus de Bosnische president, die zelf belijdend moslim is. ‘Maar als de moslims van deze wereld eenmaal sterk genoeg zijn dan zullen ook Duitsland, de VS en alle anderen reageren zoals het hoort’.

‘Oorlogspresident’ 

Bakir Izetbegovic is de zoon van Bosnië's in 2003 overleden ‘oorlogspresident’ Alija Izetbegovic, die tussen 1992 en 1995 de Bosnische moslims aanvoerde in de burgeroorlogen tegen de Bosnische Serven en Kroaten. Hij droomde van een door moslims geleid onafhankelijk Bosnië. Van 1983 tot 1988 zat Alija in de gevangenis, veroordeeld voor onder meer ‘moslimfundamentalisme en vijandelijke propaganda. In zijn ‘Islamitische Declaratie’ had de bewonderaar van de Iraanse ajatolla Khomeini onder meer geschreven dat er geen sprake kon zijn van ‘vreedzame coëxistentie tussen de islam en een niet-islamitische overheid’.

Bakir liet ‘generaal-gangster’ Juka Prazina liquideren

Tijdens de Bosnische burgeroorlogen was zoon Bakir hoofd van de veiligheidsdienst van het moslimleger. In die hoedanigheid spoorde hij eind 1993 de door zijn vader tot generaal benoemde gangster Jusuf ‘Juka’ Prazina in België op. Bij het uitbreken van de oorlog in 1992 had deze zijn bende omgevormd tot een effectieve paramilitaire organisatie. Overigens werden drie van de vijf brigades, die Sarajevo verdedigden tegen de Bosnische Serven, geleid door onderwereldfiguren.

Overigens werden drie van de vijf brigades, die Sarajevo verdedigden, geleid door onderwereldfiguren

In 1993, toen de moslims ook in oorlog waren met de Kroaten, liep Juka Prazina (met medenemen van miljoenen dollars die hij met zwarthandel en afpersing had verdiend) over naar het leger van de Bosnische Kroaten. Een aantal maanden vocht hij vanaf de berg Igman tegen zijn oude strijdmakkers in Sarajevo. In december 1993 vonden agenten van Bakir hem in België en op oudejaarsdag werd hij vlakbij Maastricht gelikwideerd.

Vice-president Komsic steunt Izetbegovic

Zeljko Komsic, namens de Kroaten lid van het Bosnische staatspresidium en als zodanig ook vice-president, steunt Bakir Izetbegovic in zijn besluit de Israelische ambassadeur niet te ontvangen. ‘Het zou smakeloos zijn om die man te ontmoeten als je ziet wat er in Gaza gebeurt’, aldus Komsic. De Bosnisch-Servische vice-president Nebojsa Radmanovic sprak overigens wel met ambassadeur Cohen over de gebeurtenissen in Gaza en het Midden-Oosten.

    Rolf begon bij een krant, was daarna tv-programmamaker. Begeleidde in de jaren ’90 als redacteur-producer en tolk-vertaler talloze reportageploegen naar voormalig Joegoslavië en was 17 jaar Balkan-internetcorrespondent voor het ANP. Nu schrijft hij weer: over ex-Joegoslavië en wetenschapsnieuws. En heeft ook belangstelling voor de ruimtelijke ordening in Nederland.