Twintig jaar geleden interviewde ik hem over zijn werk op de Wallen. Hij was indertijd de enige glazenwasser die bereid was tot een vraaggesprek. En natuurlijk wil hij ook nu weer meedoen.

STEUN RO

Boven het interview met glazenwasser Nigel Martin stond toen: ‘Aan het eind van de dag heb ik een pak kletsnat toiletpapier in m’n zak’. Hij moet erom lachen en zegt: ‘No, no I moved on.’ Tegenwoordig maakt hij gebruik van echt professionele spullen, maar zo geeft hij ook ruiterlijk toe: z’n Nederlands is nog steeds niet om over naar huis te schrijven.

Er is wel meer veranderd in die twintig jaar. Hij is niet alleen ouder geworden (55), hij heeft ook geen mensen meer in loondienst zoals toen. ‘Op het hoogtepunt in het midden van de jaren negentig had ik zeven mensen op de loonlijst staan. Maar ik werd er gek van om de rommel achter hun kont op te ruimen. Ik was het zat om mensen dit vak te leren. Alleen al het verslepen van de ladders. Die zijn zo zwaar, daar kun je makkelijk tien auto’s mee vernielen.’ Dus werkt hij nu weer als zzp-er zegt hij met een grote glimlach op zijn gezicht.

Ook in zijn privéleven is het één en ander veranderd. De wilde jaren zijn definitief achter de rug; hij heeft nu vrouw en kinderen en een huis met hypotheek. ‘Die moet ook worden betaald. Dus op reis gaan voor een paar jaar zoals ik eind jaren tachtig deed zit er niet meer in.’

Kabul

Nigel Martin komt oorspronkelijk uit Glasgow, Schotland. In 1985 stak hij over naar Nederland en ging werken in de bakkerij van de Zaanse grootgrutter. Dat was saai werk, vertelde hij, en na een paar jaar had hij het daar wel gezien. Hij had vijfentwintig duizend gulden gespaard, gooide de sleutels van zijn appartement in de Amstel en vertrok met vier vrienden de wijde wereld in om zoals hij toen dacht, Amsterdam voor altijd vaarwel te zeggen.

Maar ja, hoe gaan die dingen, een paar jaar later was het geld op en kwam hij weer terug. Hij logeerde in hotel Kabul op de Warmoesstraat, toen nog een soort verlate hippie hang-out. Omdat hij zijn rekening niet meer kon betalen stelde hij voor in ruil de ramen schoon te maken. Dat mocht. Zo startte zijn carrière als glazenwasser.

Dat is hij nog steeds, glazenwasser. Sterker, hij volgde na terugkomst in Nederland de cursus Glasbewassing bij het Landelijk Centrum Specialistische Opleidingen. Met bulderende lach: ‘Onvoorstelbaar. Ik wist niet dat zoiets bestond. Die cursus duurde tien dagen. Elke dag hadden we vier uur praktijk en vier uur theorie. The theory of window cleaning, kun je je daar iets bij voorstellen? Nou het bestaat echt! En ik heb mijn diploma gehaald.’

Niet altijd heeft hij evenveel zin om aan de slag te gaan. Soms wil de geest wel, maar het vlees wat minder zegt hij. Om zich door de dag heen te werken heeft hij daarom een list verzonnen. Elke dag bedenkt hij een nieuw vraagstuk en confronteert hij zijn klanten daarmee. ‘Een voorbeeld? Waaruit bestaat die atmosfeer eigenlijk waar we ons zo druk over maken? Vrijwel niemand die ook maar bij benadering het juiste antwoord geeft.’

Vibrator

Zijn werkterrein bevindt zich tegenwoordig vooral van Magna Plaza tot de Warmoesstraat en alles daar tussenin. Hij veel kleine klantjes, zoals bijvoorbeeld de Condomerie. ‘Ik heb liever tien klanten van twintig euro dan een klant van tweehonderd.’ Concurrentie? ‘Nee, concurrenten heb ik niet. Anderen mogen doen wat ik niet wil doen.’ Later vertelt hij wat zijn geheim is: hij is betrouwbaar; ze kunnen van hem op aan. Van maffiapraktijken is hem niks bekend. Ja, hij hoorde dat op het KNSM-eiland wel gebeurde dat er glazenwassers werden bedreigd. En hij hoorde ooit van een oud-werknemer van hem die in de Nieuwmarkt actief was dat er iemand naar hem toe was gekomen die had gezegd: “Hé, wat doe jij in mijn wijk?”. ‘Maar dat is al jaren geleden. Ach, je verliest wel eens een klant. Hotel Kabul bijvoorbeeld doe ik na de verbouwing niet meer. Aan de andere kant komen er ook weer klantjes bij. You loose some, you win some. Dat is het leven.’

Nee, helaas zoals hij zelf zegt doet hij geen ramen bij de dames meer, maar een aantal jaren geleden nog wel. ‘Ik had toen ook nog iemand in dienst die Jehova’s getuige was. Hij deed één van de ramen op het Oudekerksplein bij één van de big ladies daar, toen hij plotseling een soort snorrend geluid hoorde. Hij keek op en zag een dame zijn bewegingen op het raam imiteren met een vibrator. De man schrok zich een hoedje en heeft onmiddellijk ontslag genomen. Ik heb er nog dagenlang hard om moeten lachen.’

Willem Oosterbeek, Wallenbewoner, doet in vijfhonderd woorden regelmatig verslag van het dagelijks leven vanuit de beroemdste buurt van Nederland.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -

Ik schrijf over alles wat mijn nieuwsgierigheid wekt. Dat is veel. Vaak kom ik uit bij verborgen hoeken van de geschiedenis, maar soms ook bij het persoonlijke verhaal. Het alledaagse leven èn het drama. Actueel, maar soms ook wat minder. Wel altijd goed geschreven en een plezier om te lezen.