DUIDING // Valt tijdens het WK het licht uit? Dat zou zomaar kunnen. Brazilië beleeft namelijk een energiecrisis.

STEUN RO

Het is alsof de duivel ermee speelt. Ik zou vandaag een artikel schrijven over de energiecrisis die Brazilië momenteel doormaakt… en ik zit dit artikel nu te tikken op de batterijkracht van mijn MacBook, want de stroom is voor de derde keer in vier maanden massaal uitgevallen.

Ik heb de stekkers van al mijn elektrische apparaten al uit het stopcontact getrokken, want – zo zegt een Braziliaanse volkswijsheid – als de elektriciteit straks terugkomt, dan doet zij dat met zo’n klap dat menige koelkast de geest geeft. Ik luister naar het nieuws op mijn trouwe Philips-radiootje dat je met de hand kunt aanzwengelen en zo hoor ik dat vanochtend niet alleen in mijn standplaats Salvador, maar ook in het zuiden van de deelstaat Bahia en in het oosten van de deelstaat Minas Gerais honderdduizenden mensen zonder elektriciteit zitten.

Het is een geluk bij een ongeluk dat de storing van vandaag ’s ochtends plaatsvindt en niet, zoals een paar maanden geleden, aan het eind van de middag. Tel een massale stroomuitval op bij Brazilië’s geweldsprobleem en je hebt een recept voor paniek: met de schemering in aantocht en met een avond zonder stroom in het vooruitzicht haastte de stad zich toen naar huis en sloot haar deuren. 

Precair hoogspanningsnetwerk

De gevoeligheid van het Braziliaanse hoogspanningsnetwerk is legendarisch. Zo legde een akkefietje in een lokaal verdeelstation in de binnenlanden van de deelstaat Maranhão eind 2012 de energievoorziening in een gebied zo groot als West-Europa urenlang plat. 

Het hoeft maar een beetje te regenen, of hele wijken zitten urenlang zonder stroom.

De stroomuitval vanochtend in het oosten van Minas Gerais werd veroorzaakt door een lichte aardschok; die in het zuiden van Bahia en in Salvador door stortbuien. Ik had het kunnen weten: het hoeft in de stad waar het Nederlands elftal over tweeënhalve maand zijn eerste WK-wedstrijd speelt maar een beetje te regenen, of hele wijken zitten urenlang zonder stroom. Het is echter niet een teveel aan regen, maar juist een gebrek aan hemelwater dat de grootste bedreiging vormt voor de Braziliaanse energievoorziening.

Dictatuur was (per ongeluk) groen voordat groen bestond

Tijdens de oliecrisis die de wereld in het midden van de jaren zeventig van de vorige eeuw teisterde had de militaire dictatuur die destijds in Brazilië de lakens uitdeelde twee ideeën die het regime vandaag de dag de bewondering van menige milieu-organisatie zouden hebben opgeleverd. Ten eerste zorgde het generaalsbewind ervoor dat binnen een paar jaar het grootste deel van het Braziliaanse wagenpark op alcohol reed. Ten tweede werd er enorm in waterkrachtenergie geïnvesteerd.

In geen van beide gevallen was het de dictators in Brasília overigens om het milieu te doen. Het milieu bestond in de jaren zeventig immers – niet alleen in Brazilië, maar wereldwijd – nog maar nauwelijks als agendapunt. En hetzelfde militaire regime dat auto’s op alcohol liet rijden en tientallen waterkrachtcentrales bouwde kapte in het regenwoud lustig voort. Nee, het ging de militaire machthebbers erom dat Brazilië zo min mogelijk afhankelijk zou zijn van geïmporteerde fossiele brandstoffen. 

Waterkracht is leuk, maar dan moet het wel regenen

Inmiddels is Brazilië zelf tot een belangrijke olieproducent uitgegroeid en rijdt het grootste deel van ’s lands dagelijks met duizenden auto’s groeiende wagenpark weer op benzine, maar tot op de dag van vandaag voorzien waterkrachtcentrales in bijna twee derde van de totale elektriciteitsvoorziening. Dat zorgt voor behoorlijk groene en relatief goedkope energie – maar dan moet het wel genoeg regenen. 

Waterkracht voorziet in 63% van Brazilië's energievoorziening

Dat heeft het de afgelopen maanden niet gedaan. Brazilië beschikt ook over een aantal conventionele, op fossiele brandstoffen werkende elektriciteitscentrales die meestal uitstaan, maar in geval van gebrek aan regen aangezet kunnen worden. Het probleem is alleen dat de vraag naar energie hoger en het waterpeil in de stuwmeren lager is dan ooit. En een extra elektriciteitscentrale stamp je niet zomaar uit de grond. 

Er is nog een bijkomend probleem: het laten draaien van de conventionele centrales kost handenvol geld, en hogere elektriciteitsrekeningen zouden de inflatie omhoogstuwen. Voorlopig houdt de regering-Rousseff de elektriciteitsrekeningen kunstmatig laag en probeert de extra kosten voor de schatkist – voor dit jaar geschat op omgerekend 1,3 miljard euro – op te vangen met een geplande accijnsverhoging op bier en frisdrank: koelkasten zijn immers energievreters. 

Windmolens staan stil

Het moge duidelijk zijn: in zijn streven om op energiegebied onafhankelijk te zijn heeft Brazilië teveel op één technologie gegokt, een technologie die in deze tijden van wereldwijde klimaatsveranderingen minder betrouwbaar blijkt dan voorheen werd verondersteld. De bouw van de enorme – en beruchte – stuwdam van Belo Monte in de deelstaat Pará, die het woongebied van enkele inheemse stammen onder water zal zetten, is het grootste bewijs dat Brazilië voorlopig niet van zijn geloof in waterkracht zal vallen.

Toch zijn er recentelijk pogingen gedaan om te diversifiëren. In deelstaten als Ceará, Rio Grande do Norte en Bahia zijn de afgelopen jaren grote windmolenparken gebouwd die in theorie drie miljoen huishoudens van energie zouden kunnen voorzien. Er is alleen een klein probleem: deze windmolenparken zijn nog niet op het elektriciteitsnetwerk aangesloten. De bedrijven die voor de aanleg van nieuwe hoogspanningslijnen verantwoordelijk zijn hebben namelijk hun handen vol aan het precaire, bestaande netwerk.

En het WK?

Valt tijdens het WK het licht uit? Berichten op sociale media die Brazilianen oproepen om – uit protest tegen het WK – tijdens de openingswedstrijd al hun elektrische apparaten aan te zetten (in de hoop zo een blackout te veroorzaken) buiten beschouwing gelaten is de kans op massale stroomuitval statistisch gezien niet enorm. Een incident zoals ik vanochtend beleef komt iets minder dan één keer per maand voor – maar daarmee is de kans op een blackout toch vele malen groter dan in Europa. Uiteraard hebben de stadions waarin de WK-wedstrijden gespeeld zullen worden generatoren (voor omgerekend vijftien miljoen euro aangeschaft door de FIFA) – maar straatverlichting, winkels, restaurants en de meeste hotels hebben die niet.

En er was licht!

Opnieuw is het alsof de duivel ermee speelt. Terwijl ik deze laatste alinea tik hoor ik de pomp van de flat waarin ik woon aanslaan; uit verschillende openstaande ramen klinkt gejuich. Na een blackout van drieënhalf uur heeft onze wijk weer stroom.

    Alex Hijmans (1975) is internationaal correspondent en schrijver. Zijn standplaats is Salvador, de derde stad van Brazilie, waar hij in een volksbuurt woont en verder kijkt dan voetbal, samba en zogenaamde Wirtschaftswunderen. Hij schrijft, net zoals weleer voor de papieren De Pers, journalistieke reportages en persoonlijke columns. Met veel beeld en altijd met de blik van een local.