Elektronisch musicus Blanck Mass lijkt na de woede van “Animated Violence Mild” uit 2019 in rustiger vaarwater te zijn beland. Op het nieuwe album “In Ferneaux” kieren zelfs straaltjes van hoop.

STEUN RO

Benjamin John Power alias Blanck Mass heeft nooit een geheim gemaakt van zijn hartgrondige afkeer van het doorgedraaide consumentisme, die dolgedraaide wereldreligie van de moderne tijd. Dat uitte hij eerder op het grimmige album ‘Animated Violence Mild’ in een elektronisch amalgaam van bijtende en rauw schurende tracks waar de toorn over het verraad en het volledig verwoesten van de planeet aarde door de mensheid in een alles verterend vuur van ziedende geluidscollages vanaf spatte. Maar na de overdonderende catharsis van ‘Animated Violence Mild’ lijkt er ook in de wereld van Blanck Mass weer ruimte te zijn voor hoop.

Benjamin John Power, de helft van het elektronische muziekduo Fuck Buttons (de andere helft is Andrew Hung) uit Bristol, Engeland, bevond zich midden in een tournee toen het coronavirus een spaak in het wiel stak en de wereld knarsend tot een soort van apocalyptische stilstand kwam. In de tijd die volgde en waarin hij vanuit zijn zelf verkozen isolatie live streaming-optredens verzorgde, rondde hij zijn eerste muzikale score voor film af, de elektronische soundtrack voor het onafhankelijke Ierse misdaaddrama ‘Calm With Horses’.

En nu is er dan ‘In Ferneaux’, het 2020 isolatie-album van Blanck Mass, waarop Power, zeker in vergelijking met de razende woede van ‘Animated Violence Mild’, in zijn geluidspalet beduidend mildere en zachtere kleuren dan voorheen hanteert. Is het een schone schijn die hier bedriegt?

Benjamin John Power onderzoekt als Blanck Mass op ‘In Ferneaux’ pijn in beweging, zegt hij. Dat roept vragen op. Welke pijn gaat er in deze tijd van pandemie schuil in de vaak zelf gekozen isolatie van de wereld, in de eenzame, zichzelf van de ander verwijderde mens?

Blanck Mass bouwt zijn auditieve ruimten op vanuit zijn eigen ervaringen en het geheugen van zijn archief vol veldopnames verzameld in jaren van reizen over de wereld. Op ‘In Ferneaux’ worden verbindingen gelegd, heden en verleden ontmoeten elkaar in een tijd dat fysiek samenzijn voor velen onmogelijk is.

Op het album ontvouwen zich twee sonische reizen, ‘Phase I’ en ‘Phase II’, ieder met een tijdsduur van rond de twintig minuten. Power haalt daarin door middel van zijn muziek herinneringen op aan het samenzijn en de ontmoetingen met, voor nu, verre anderen. Hij maakt daarvoor gebruik van flarden conversaties en er klinken resonanties van door hem bezochte plaatsen en ervaren emoties. Deze momenten zijn ingebed in een doorlopend collage-achtig instrumentaal raamwerk met een grote op- en afbouwende spanningsboog en intensiteit. Daarin lijkt een persoonlijk rouwproces (deels) de plaats van zijn woede van voorheen te hebben ingenomen.

Wie reist, naar verre oorden maar ook in de eigen omgeving, komt ze tegen, de (uiterlijk) oud-testamentische figuren, vaak daklozen en/of paradijsvogels, en hun levenswijsheden. Denk aan de oude zwerver in Gavin Bryars’ legendarische minimalwerk ‘Jesus’ Blood Never Failed Me Yet’ – met een stem breekbaar als porselein waar het licht doorheen schijnt maar tegelijkertijd sterk in de kracht van een rotsvast geloof en vertrouwen in de God die hem uiteindelijk in zijn liefdevolle armen zal opnemen: ‘There’s one thing I know, for He loves me so…’

Een ontmoeting met een profetische figuur in de straten van San Francisco leverde Power de vraag op ‘how to handle the misery on the way to the blessing’ (‘hoe om te gaan met de ellende op weg naar de zegen’). Een zegen wordt vaak gezien als een toekomstige beloning, die verder gaat dan het materiële, zo betoogt Power in het kader van ‘In Ferneaux’. Een zegen kan echter zoveel meer zijn, afhankelijk van de context. Zo wordt in de Bijbelse betekenis van het zegenen van mensen aan God gevraagd om iemand ‘groot’ te maken. Joodse rabbijnen benadrukken daarbij het verschil in de zegen die ieder individu ontvangt. Zo neemt bij de koopman de handel toe, krijgt een zwakke meer kracht en ontvangt de verdrietige troost en vreugde. De mens die door tegenspoed en ellende wijs geworden zich gezegend weet en daardoor ‘groot’, daar lijkt Blanck Mass op ‘In Ferneaux’ aan te refereren, of in ieder geval op te hopen. Daarbij is niet gezegd dat die weg gemakkelijk is, zoals het inferno duidelijk maakt waarin we ons nu vooral en op de eerste plaats met onszelf bevinden en dat op ‘In Ferneaux’ steeds weer, gehuld in duistere en knarsende instrumentale contouren, de kop opsteekt.

Zoals gezegd, hebben ellende en zegen beide hun plaats op ‘In Ferneaux’. En ja, er is troost, in lyrische toetsenmelodieën, en halverwege track twee, in een hymnisch intermezzo. Maar meteen daarop volgend zijn er ook weer de heftig bonkende elektronische struikelstenen waar we overheen moeten, op weg naar de toekomstige beloning van een door de ervaringen van de pandemie (misschien) gelouterde wereld. Die openbaart zich aan het slot van ‘Phase II’, waar aanzwellende orkestrale golven vertellen van opstanding. Het is met die hoop, met uitzicht op een leven waarin we de hel van de dwangmatig door onszelf gecreëerde agenda van het consumentisme en de daarmee samenhangende, de aarde vernietigende krachten achter ons kunnen laten, waarmee ‘In Ferneaux’ afsluit, en de zegen ons ten deel zal vallen, zo lijkt het. Maar dan is er, abrupt, aan het eind, dat doffe geluid, dat alles weer afbreekt … het geluid van de twijfel?

Blanck Mass – In Ferneaux
Sacred Bones – Konkurrent

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
Ex-muziekjournalist. Ruilde in de jaren 90 redactiestoel muziekblad OOR in voor een hangmat in de Amazone, Dancin' Fool.