Hoe hardleerse pluimveehouders en afwachtende politici ziek maken

Je zou het zo snel niet verwachten, maar de albatrossen op de verre Midway-eilanden, wiens kadavers in 2009 in grote aantallen gevonden werden door filmmaker Chris Jordan, en de recentelijk honderden aangespoelde, dode vogels aan de Zeeuwse kust, hebben iets gemeen.

Ze sterven allemaal een langzame, gruwelijke dood. De albatrossen door plastic in hun magen. De wilde zeevogels door een ernstige vorm van vogelgriep. Een virus waarvan deskundigen zeggen dat de huidige gevaarlijke variant (hoogpathogene vogelgriep) in de jaren 90 is ontstaan in een grote Chinese pluimveehouderij. 

Wegkwijnende vogels

Daarnaast zou je kunnen zeggen dat al deze dieren prooidieren zijn van onze menselijke consumptie-drift. Waar de albatrossen hun dood vinden door het plastic monster dat wereldwijd rivieren en oceanen vervuilt, slaat een dodelijk vogelvirus wild om zich heen, waardoor naast de geïndustrialiseerde kippen, nu ook wilde zeevogels creperen van ellende. Met hun kopjes die ongecontroleerde bewegingen maken, lijfjes die hevig trillen en in rondjes draaien, en niet meer kunnen vliegen. De dieren kwijnen weg tot de dood hen verlossing brengt.

Zo’n vier jaar geleden zag ik de onvergetelijke documentaire Albatross , waarin de filmmaker je mee neemt in de wereld van deze prachtige dieren, die leven in het verre noorden van de Stille Ocean, op de Midway-eilanden. Een reis vanaf hun geboorte, mee in het leven tot de naderende dood. 

Ter hoogte van de Midway-eilanden bevindt zich één van de vijf mega plastic soepen, de ‘Great Pacific Garbage Patch’, de grootste drijvende afvalhoop ter wereld, tussen de Amerikaanse westkust en Hawaï. De plastic soep wordt geschat op zo’n 80 miljoen kilo afval, verspreid over een gebied dat drie keer zo groot is als Frankrijk.

Toen Jordan op Midway duizenden dode jonge albatrossen aantrof, plande hij meerdere expedities om de stille tragedie die zich voor hem en zijn team ontvouwde, in beeld te brengen. Het werd een meer-jaren project en een onvergetelijk verhaal. Kenmerkend voor de tijd waarin we leven.

Janken om de waanzin

Tranen welden op bij het zien van de beelden van de lijdende vogels. De dieren crepeerden van de pijn. Wat wil je, met plastic doppen, stukken plastic fles en resten van visnetten in hun magen. En dan gebeurt, wat meestal gebeurt bij zulk plotseling intens verdriet, ik jankte nu om alle waanzin in de wereld. Tranen om al die weerlozen, al die onschuldigen, die hier niet om gevraagd hebben. De volgende dag begon ik mijn plastic consumptie drastisch te verminderen. Niet meer dan een druppel in die gigantische ocean zal het uitmaken, maar het is het minste wat ik kan doen na getuige te zijn geweest van deze stille ramp. Een ramp ver van mijn bed.

Reeds maandenlang vindt een andere stille vogeltragedie plaats: de hoogpathogene vogelgriep. Dagelijks vindt de organisatie Dierenwelzijn Walcheren zo’n honderd zieke of dode vogels op de stranden. Medewerkers van top tot teen ingepakt in een wit beschermingspak halen de dieren weg. Het is namelijk gevaarlijk om de dode dieren aan te raken. Omroep Zeeland schreef gisteren dat de dode dieren de strandbezoekers niet afschrikt, evenmin de mannen in witte pakken.

Waarschuwingsborden aan het strand

“Soms zien we mensen op hun handdoekje zitten naast een stervende vogel,” zegt Jolanda Lichtenberg van de dierenorganisatie. Vogelgriep kan gevaarlijk zijn voor mensen of andere dieren, zoals honden die met een dode vogel in hun bek rondbanjeren. Het lijkt erop, dat de strandbezoekers de waarschuwingsborden van de gemeente niet lezen.

Begin augustus spoelden meer dan driehonderd dode vogels aan op de Veerse en Vlissingse stranden, waarschijnlijk allen gestorven aan vogelgriep. Daaraan vooraf spoelden ook al meer dan honderd dode vogels aan op de Zeedijk in Borssele. Daar ging het om bergeenden en meeuwen die eveneens symptomen vertoonden van het vogelgriepvirus.

De dodelijke ziekte treft steeds meer wilde vogels. Wat begon als een virus in de intensieve pluimveehouderij, waar kippen, ganzen en eenden gehouden worden voor menselijke consumptie, is ook uitgewaaierd naar de wilde natuur.

Steeds nieuwe uitbraken

In Nederland zijn de laatste maanden honderdduizenden kippen ‘preventief geruimd’ omdat in een vlakbij gelegen ander pluimveebedrijf vogelgriep werd vastgesteld. De berichten over nieuwe vogelgriepuitbraken volgen elkaar in rap tempo op.  Het blijft meestal bij de kille melding van de plaats, het bedrijf en het aantal dieren dat gedood wordt. De nieuwsredactie van de NOS heeft, zo lijkt het, een standaardbericht ontworpen voor de vogelgriep. Alleen de voornoemde gegevens hoeven nog maar ingevuld te worden. Een drama op het vlak van dierenwelzijn, maar ook een potentieel gevaar voor de volksgezondheid, terwijl de media het onderwerp niet belangrijk genoeg vinden om uitgebreid over te schrijven.

Begin van de week zag ik beelden van Animal Rights Nederland die opnamen hadden gemaakt van een ontruiming in (het inmiddels bekende) Lunteren, waar 70.000 legkippen zijn gedood vanwege de vogelgriep. Stapels dode kippen werden met een grijper in een vrachtwagen geflikkerd en duizenden eieren vernietigd.

Afgelopen donderdag is, wederom in Lunteren, op een eendenbedrijf vogelgriep uitgebroken. Zo’n drie duizend eenden werden ‘geruimd’. ‘In de 1 kilometer zone van het besmette bedrijf ligt één ander pluimveebedrijf waar momenteel pluimvee gehuisvest wordt. Ook dit bedrijf zal worden geruimd. In de 3 kilometer zone liggen 32 andere bedrijven met pluimvee. In de 10 kilometer zone liggen 256 pluimveebedrijven,’ zo meldt de Rijksoverheid.  

Het bizarre aantal van 256 pluimveebedrijven binnen een straal van tien kilometer! Nederland heeft dan ook bijna zes keer zoveel kippen dan mensen: ruim 104 miljoen kippen in 2019. Met zulke absurde aantallen roept een veedicht land als Nederland het gevaar over zichzelf af.

Volksgezondheid ook van belang

Thijs Kuiken, hoogleraar vergelijkende pathologie aan de Erasmus Universiteit en dé expert op het gebied van het ontstaan van vogelgriep, vindt dat rondom dit virus men niet alleen moet kijken naar de gezondheid van kippen, maar ook naar die van mensen die in de omgeving van de stallen wonen. Volgens de hoogleraar moeten we naar een ander systeem om de gevaren voor mens en dier terug te dringen, en dat is het drastisch verminderen van het aantal dieren en naast elkaar bestaande pluimveebedrijven.

Waar het kabinet de corona-adviezen van de Outbreak Management Team-experts gretig opvolgde, zo anders is het met de adviezen van de Commissie Bekedam en de wetenschappers, onder meer Thijs Kuiken, die hiervan deel uitmaakten. Het rapport Zoönosen in het vizier van vorig jaar juni vindt, ondanks de ernst van de uitbraken in Nederland, nog altijd geen gevolg in nieuw beleid, zoals bijvoorbeeld het vaccineren van de dieren.

Als er blijkbaar nog steeds te weinig aanleiding is om de pluimveehouderij gericht aan te pakken in de bestrijding van het vogelgriepvirus, wanneer is het moment dan wel? Als er nog meer miljoenen dierlijke slachtoffers vallen? Of pas als de eerste Nederlander besmet raakt? Ondertussen mogen de getroffen bedrijven hun kippenschuren blijven volproppen met dieren. Om ook dit jaar weer tot zulke bizarre cijfers te komen – in Nederland werden voor menselijke consumptie vorig jaar ruim 500 miljoen vleeskuikens plus ruim 20 miljoen kippen geslacht   – moet het circus vooral doorgaan.

Beeld: still uit Albatross van Chris Jordan.

Mijn gekozen waardering € -

Schrijft op Mallorca over klimaat, duurzaamheid, dierenwelzijn en onderwerpen die het recht raken. Voorheen jurist in Nederland.