Irak wil af van de duizenden ontheemden die drie jaar na ISIS nog steeds in kampen wonen. Met de winter voor de deur worden gezinnen weggejaagd die geen huis meer hebben, of nergens welkom zijn door het stigma een ISIS-familie te zijn.

STEUN RO

Een miljoen Irakezen is nog steeds ontheemd, drie jaar na het verjagen van de terreurgroep ISIS uit Irak. Honderdduizenden slachtoffers van de groep zitten nog steeds in opvangkampen, onder wie de yezidi’s wier provincie onder de voet werd gelopen. Maar vooral inwoners van steden en dorpen die beschadigd raakten bij de bevrijding, meest soennieten. Daaronder zijn ook gezinnen die worden gezien als aanhangers van ISIS omdat een familielid zich bij de groep aansloot.

De Iraakse regering heeft zichzelf voorgenomen alle kampen voor eind van het jaar te sluiten, en er de afgelopen tijd al een heel aantal opgedoekt. Ontheemden moeten en kunnen naar huis, is de boodschap. Maar dat klopt niet. En niet alleen omdat de komende winterkou de operatie bemoeilijkt.

Hulp is verslavend, en natuurlijk zitten er ook gezinnen in de kampen omdat het makkelijker is dan thuis de boel weer opbouwen. Maar de meeste kunnen echt niet naar huis terug. Duizenden hebben zelfs al eens een poging gedaan en na het zien van hun platgebombardeerde woning rechtsomkeert gemaakt. Vaak waren ze hun inkomstenbron – winkel, vee, garage, landbouwgrond – ook nog eens kwijt. Velen zijn te berooid om het leven thuis weer op te pakken.

Toch zijn inmiddels duizenden gezinnen de kampen uitgezet, ondanks oproepen van hulporganisaties om deze operatie in ieder geval met hen te coördineren zodat ze mensen kunnen ondersteunen bij de terugkeer. Hun tent mochten ze toen meenemen, om thuis bovenop op het puin op te zetten. Velen van hen zijn nu nog steeds ontheemd, alleen nu een dorp verderop en niet meer in een kamp. En dus zonder hulp.

Kwetsbaar

Onder die meest kwetsbaren die al drie jaar in de kampen zaten zijn veel familieleden van ISIS-strijders die, al dan niet terecht, verdacht worden van banden met de groep en daardoor als medeplichtig worden gezien. Ze zouden zelfs een meerderheid kunnen vormen. Omdat ze niet als ‘ISIS-gezin’ staan geregistreerd weet niemand echter om hoeveel mensen het precies gaat. Want wie stelt dat vast? En de meeste vrouwen houden de link liever verborgen.

De Iraakse overheid gaat ervan uit dat iedereen naar huis terug kan. Dat lijkt ook het doel van de campagne die de Amerikaanse hulporganisatie USIP in verschillende steden uitvoert. Succes meldt ze in het vroegere ISIS-bolwerk Talafar, waar bewoners overeenstemming bereikten over de terugkeer van duizenden ontheemden. Een proces waarbij zelfs een rol voor vrouwen werd afgedwongen, zo meldt USIP.

Talafar is gecompliceerd, omdat er zoveel verschillende groepen woonden toen ISIS de stad in 2014 innam. Turkmenen, Arabieren, Koerden, yezidi’s, en zowel soennieten als sjiieten. ISIS misbruikte de jarenoude tegenstellingen en conflicten tussen de groepen om er een stevige voet aan de grond te krijgen. De stad werd een doorvoerhaven voor de yezidi’s die de groep in augustus 2014 in de naburige Sinjar-provincie kidnapte, en die als (seks)slaven werden verkocht. Toch zijn er volgens USIP nu afspraken gemaakt over de terugkeer van de meeste ontheemden en vluchtelingen (veel Turkmenen vluchtten naar Turkije).

Wraak

Maar (vermeende) ISIS-gezinnen kunnen niet zomaar terugkeren. En zullen dat ook niet doen, omdat ze bang zijn voor wraak. Van nabestaanden van stadgenoten die door toedoen van hun familielid omkwamen bijvoorbeeld. Maar ook van de sjiitische milities die in de bevrijde steden veel macht kregen. Mosul heeft bijvoorbeeld duizenden vermisten, die door toedoen van leger en milities tijdens en na de bevrijding verdwenen.

Het probleem van de ISIS-gezinnen is vooral een vrouwenprobleem. Vrouwen bleven alleen achter met hun kinderen – onzeker over het lot van echtgenoten, vaders en zonen. Hun sociale en legale status is echter wel van die mannen afhankelijk. In de patriarchale samenleving van Irak is voor alle legale handelingen de handtekening van de afwezige echtgenoot nodig.

De vrouwen hebben bovendien vaak geen papieren meer, en hun kinderen hebben die soms helemaal nooit gehad, anders dan een ISIS-geboortebewijs. Zonder geldige documenten kan je geen huis huren, niet werken, kunnen kinderen niet naar school. Bovendien is een vrouw alleen sociaal gezien kwetsbaar, want waar is de man die haar moet beschermen?

De vorige Iraakse regering was zich bewust van het probleem. Plannen om ISIS-gezinnen samen te brengen in ommuurde containerkampen op het platteland, kwamen echter op de plank terecht.  Na een de-radicaliseringsprogramma zou er bemiddeld worden bij hun terugkeer naar huis. Er is niets van terechtgekomen.

Afstand nemen

In die situatie dwingt de overheid vrouwen nu officieel afstand te nemen van hun ISIS-echtgenoten en zonen, alvorens ze naar huis terug kunnen. Dat is bedoeld als een signaal van goede wil aan de slachtoffers, maar bepaald niet zonder risico. Want daarmee geeft de vrouw formeel toe dat haar man of zoon bij ISIS was, wat die mannen in gevaar kan brengen. Daarom kan het problemen veroorzaken met haar schoonouders, die haar zelfs haar kinderen kunnen afnemen. En het bezorgt haar en de kinderen een formeel stigma. Maar zonder zo’n verklaring krijgt ze geen verklaring van goed gedrag van de veiligheidspolitie, en wil haar oude omgeving haar niet terug.

Stamhoofden en sjeiks spelen een belangrijke rol bij de terugkeer van dit soort ontheemden. Maar een vrouw kan hen zelf niet benaderen om voor haar te bemiddelen. Daarvoor heeft ze een mannelijk familielid of een bemiddelaar nodig. Maar wat als ze die niet heeft? Als ze met haar kinderen het kamp is uitgezet en haar oude buurt weigert haar toe te laten, waar moet ze dan naartoe? Wie gaat haar beschermen, niet alleen tegen de wraak van ISIS-slachtoffers, maar ook tegen alle mannen die menen misbruik te kunnen maken van haar situatie?

Bij de geleidelijke vrijlating van ISIS-gezinnen uit kampen in Syrisch-Koerdistan spelen stamhoofden een belangrijke rol. Vrouwen mogen alleen vertrekken, als het hoofd van hun stam garant voor hen staat. Een dergelijke oplossing zou ook denkbaar zijn in Irak, waar de macht van de stammen in veel gebieden vergelijkbaar groot is.

Onzorgvuldig

De vraag is waarom dat niet gebeurt, en de regering een ingewikkeld probleem zo onzorgvuldig weg probeert te werken. Sommige betrokkenen menen dat ze het uit de weg wil hebben opdat de vervroegde verkiezingen van juni op tijd kunnen plaatsvinden. Maar bij eerdere verkiezingen konden ontheemden gewoon stemmen in mobiele stemlokalen.

Anderen wijzen op de toegenomen activiteit van ISIS-cellen, met name in sommige soennitische regio’s, en de oproep van de ISIS-leiding om gevangen leden en families te bevrijden. Stuur de gezinnen maar weg op zo’n manier dat ze nergens heen kunnen, dan heeft de groep de handen vol aan de opvang, zou een overweging kunnen zijn.

Hoe dan ook, het zonder enige begeleiding wegsturen en aan hun lot overlaten van gezinnen met een dergelijk stigma kan alleen maar verkeerd uitpakken. Ze zullen terechtkomen in complete armoede, totaal afhankelijk van hulp, zonder die te kunnen weigeren als ISIS of andere radicale groepen die biedt. Het is een situatie waarin discriminatie en frustratie vruchtbare grond zullen vormen voor een nieuwe generatie ISIS-strijders. Een keten die gebroken had kunnen worden, wordt juist verstevigd.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
Judit Neurink is schrijver en journalist die vooral schrijft over Irak en het Midden-Oosten