Wietske Hoekstra, toegewijde dolfijnen liefhebber op Ibiza: ‘Als je echt van iets houdt, laat je het met rust’

Het huidige Ibiza is zowat verworden tot een Nederlandse kolonie. Overal waar je loopt of even op een terras een café Americano nuttigt, hoor je Nederlandse stemmen. Het Spaanse eiland is de laatste decennia uitgegroeid tot een populair en gewild merk, beroemd om haar idyllische baaien, clubscène, en bohemien sfeer waar alles hedonisme ademt.

Bekende Nederlanders hebben er huizen. Saskia Noort schrijft er haar boeken. Medelijden heb ik met de Ibicencos die hun eiland verpatst hebben aan vermogende buitenlanders. Op het zustereiland Mallorca kijken ze op haar kleine zusje neer, omdat ze haar ziel aan de duivel zou hebben verkocht, gezwikt voor het grote geld. Maar natuurlijk is het er fijn vertoeven. Relatief dichtbij Nederland waan je je in een compleet andere wereld, waar het levenstempo een stuk lager en gezonder is.

Hier ontmoet ik de Nederlandse Wietske Hoekstra via wie je een luxe Ibizaanse villa kunt huren met alles erop en eraan. Geen zin om te koken? Dan regelt ze toch gewoon een private chef voor je. Sinds 1984 bewoont ze het eiland; een ander tijdperk. De alsmaar toenemende toeristenstroom is uiteraard niet zonder impact gebleven. 

Dolfijnenfluisteraar

Wietske is, zo noem ik het, een dolfijnenfluisteraar; een ervaringsdeskundige die ongeveer dertig dolfijnen – met naam – herkent in de baai, waar zij, zodra het maar even kan, met haar boot te vinden is. We gaan het dus niet over high end klanten en decadente vakanties op Ibiza hebben, maar over de prachtige natuur die ons omringt. Ook dat is Ibiza.

Als ik haar vraag waar de liefde voor dolfijnen vandaan komt, duikt ze terug naar de tijd waarin ze boeken spaarde over dolfijnen, onder andere het handboek van NOAA (de Amerikaanse National Oceanic and Atmospheric Administration). ‘Ik woonde toen in San Diego (Californië), maar pas in 2010 spotte ik voor het eerst een dolfijn in één van de Ibizaanse baaien en was meteen verkocht.’

Big smile

Haar ogen lichten op als ze vertelt wat haar zo aantrekt in deze dieren. ‘Het is een gevoel en dat zit diep. Het contact met deze dieren is onbeschrijfelijk. Vooral walvissen hebben iets mystieks. Wanneer ik mensen meeneem op de boot en we spotten een dolfijn, zie ik gezichten veranderen en brede glimlachen ontstaan. Het aangezicht van deze dieren laat geen enkel mens onberoerd.’

Dolfijnen zijn intelligente dieren. ‘Ik heb zelfs het idee dat ze het geluid van mijn boot herkennen. Ik vaar in een klein gebied van Cap des Falcó tot Cala d’Hort en zie ze regelmatig. Soms komen ze even gedag zeggen en zie ik ze van heel dichtbij.’

 

Wietske vertelt dat elke dolfijn een andere rugvin heeft waaraan ze de dieren herkent. Zo is er de dolfijn genaamd Choppie die een stukje vin mist. Anderen zijn meer rond van vorm, hoekig of kartelig.

Eigen geluid

‘Een groep, ofwel een pod dolfijnen, is nooit constant,’ aldus Wietske. ‘Als ze jagen, zijn ze wijd verspreid en communiceren met elkaar.’ Wie het werk van de filosoof Eva Meijer kent, weet dat dieren een eigen taal hebben. ‘Zo heeft elke dolfijn een eigen kenmerkend fluitsignaal. Als een vrouwtje zwanger is, geeft ze een fluitsignaal en wanneer de baby geboren wordt na één jaar zwangerschap herhaalt ze steeds eenzelfde geluidssignaal. Dat is voor elke dolfijn anders. Dat heb ik overigens niet zelf ontdekt hoor (lacht).’

Ze is geen maritiem bioloog. Waar haalt ze dan haar kennis zoal vandaan? ‘Ik bestudeer  allerlei onderzoeken, haal veel informatie via maritieme groepen op Facebook en sinds tien jaar heb ik een hydrofoon (onderwatermicrofoon). Met oordoppen in luister ik naar de verschillende signalen, die elk een ander doel dienen. Als een dolfijn jou bijvoorbeeld nadert, geeft hij weer een ander signaal, de echolocatie.’

Ze heeft er nu een stuk of dertig weten te identificeren. Van de eerste dolfijnen die ze spotte is inmiddels de derde generatie afkomstig. Afgelopen voorjaar werd ze verrast door moeder en kind, die zo dichtbij haar boot kwamen dat het leek alsof de dolfijn haar baby wilde laten zien. ‘Als ware het een kennismaking, zoals we die als mensen onder elkaar ook kennen. Met mijn waterdichte camera kan ik dan prachtige beelden maken.’

Minder serieus

Dat ze geen afgestudeerd maritiem bioloog is, is wel eens frustrerend, vindt ze. Zo gebeurt het af en toe dat dolfijnen gedesoriënteerd raken en bij rotsen in de beurt komen waar ze niet vandaan kunnen. Wietske weet inmiddels precies hoe te handelen, maar ze mag met geen vinger het dier aanraken wanneer autoriteiten eenmaal ter plaatse zijn. Hoewel ze een ervaringsdeskundige is en weet wat te doen, wordt ze minder serieus genomen. ‘Ik mag dan niks, omdat ik geen bioloog ben, terwijl de dierenbeschermingsorganisaties het hier vaak ook niet weten. Ik voel me diep verbonden met deze dieren, waarschijnlijk zou ik te emotioneel reageren om wetenschapper te kunnen zijn, die juist met afstand behoort te observeren.’ Daarvan is ze overtuigd. Als één van “haar dolfijnen” iets overkomt, is dat alsof het haar eigen kind betreft. Ondertussen houdt ze wel een worksheet bij met allerlei data over de dolfijnen.

Wat is nu één van de gevaren voor de huidige dolfijn of walvis? Resoluut: ‘Geluidsvervuiling. Denk aan grote vrachtschepen en boringen naar olie en gas.’ Zo communiceren walvissen op enorme afstanden met elkaar en geluidsvervuiling verstoort die communicatie. Walvissen moeten dan dichterbij elkaar leven. En de aanleg van windturbines? Ze verontschuldigt zich een beetje voor haar verontwaardiging, zo kan ze zich opwinden over zulke zogenaamde ‘groene’ uitvindingen.

Lekker groen

‘Lekker groen? Dacht het niet,’ verzucht ze. ‘Je hebt enorme parken in de Noordzee en die worden de komende jaren door de Nederlandse overheid fors uitgebreid. De productie hiervan, vervoer en installatie vernietigt ecosystemen vanwege de trillingen die dat veroorzaakt. De wieken alleen al zijn niet duurzaam, ze slijten en geven een stof af die giftig is.’ ‘Wat helemaal bizar is,’ vervolgt ze, ‘bij vervanging van de niet-recyclebare wieken, weten ze niet wat ze daarmee aanmoeten en daarom heb je velden waar de wieken van de windturbines worden begraven.’ Ze laat vervolgens een foto op haar mobiel zien van zo’n ‘windturbine-kerkhof’. De keerzijde van wat een ‘groene’ oplossing moet zijn, is treffend. Inzetten op kernenergie zou volgens haar beter zijn. ‘Wist je dat ze zee meer zuurstof levert dan het hele amazone-gebied? De Noordzee is al zo vervuild en ziek, waarom zijn we daar dan niet zuiniger op?’

Filosofisch: ‘Stel je voor de miljoenen jaren die de Aarde bestaat en dat het nog maar vijftig jaar is hoe de Aarde is zoals we die nu kennen. Als we daar in de eerstkomende tien jaar verandering in moeten brengen, is het toch wel beangstigend wat we aan het doen zijn.’ Ze citeert daarbij de befaamde Amerikaanse maritiem-bioloog, oceanograaf, diepzee-onderzoeker en auteur, Sylvia Eurle, ook wel Your Deepness  genoemd: “In de oceanen en in alle wezens die hier leven, tref je de geschiedenis van de Aarde. Wij leven, omdat de oceanen leven; ons leven is hiervan afhankelijk.”

De zee heeft Wietske in de loop der tijd zien veranderen, er is minder vis. In de baai van Es Cubbells waren bovendien altijd dolfijnen te vinden. Nu echter niet meer. De exacte oorzaak heeft ze nog niet kunnen achterhalen, wellicht doordat er te weinig voedsel voor ze is.

Ingegroeide plastic ring

Een ander groot probleem is plastic afval. Zo is er String, een dolfijn met een plastic ring ingegroeid in zijn nek. ‘Een maand geleden heb ik haar met een jong gezien. Ik heb foto’s kunnen maken en laten zien aan een bioloog in Mallorca. Hij denkt dat het nog steeds de plastic ring is die je ziet, anderen denken dat het het overgebleven litteken is,’ vertelt ze met zorg in haar stem. Laatst vond ze zes vuilniszakken die van een jacht waren gegooid en op het strand waren aangespoeld. ‘Onbegrijpelijk. Daarmee hebben we echt een beschavingsprobleem.’

Wietske vindt niet alleen aangespoeld plastic afval op de stranden waar ze vaak beach cleans houdt, ook poedersuiker-zakjes afkomstig uit Algerije. ‘In Algerije hebben ze geen vuilnis-ophaaldienst en dumpen alles in de zee. Bij een zuiden wind merken we daarvan de rampzalige gevolgen.’

Reden tot hoop

Over de toekomst van de dolfijnen en de Middellandse Zee zegt ze dat het niet erger moet worden dan het nu is. Toch is ze hoopvol: ‘In 2013 waren er grote protesten op de Balearen tegen olie-boringen. Er werd een alliantie ‘Mar Blava’ opgericht en de bevolking heeft zich hier zodanig tegen verzet, dat we het hebben kunnen tegenhouden. Wat was ik ongelofelijk trots! De boringen die ze doen, geeft zo’n sterk geluid dat het binnenoor van de dolfijn explodeert. Er zijn eerder dode dolfijnen gevonden met dergelijke verwondingen. Mar Blava heeft bereikt dat een beschermde doorgang tot stand is gekomen tussen het vaste land en de eilanden.’ 

Er is reden tot hoop, bijvoorbeeld de beschermde posidonia, de belangrijke plantensoort die veel voorkomt langs de rotskusten van de Middellandse Zee en bijdraagt tot het behoud van de kwaliteit en de zuurstofvoorziening van het ecosysteem onder water, waar meer dan 400 soorten planten en 1.000 soorten zeedieren zich voeden en voortplanten. Posidonia vormt nu langs de kusten van de Balearische eilanden beschermd gebied. De vele boten, die in de zomer het gebied bevaren, mogen daar niet meer voor anker.

Af van groei

Wietske vertelt over een documentaire die ze eens zag, waarin een oude, gerimpelde en wijze Indiaanse vrouw werd geïnterviewd, en antwoordde op de vraag wat ze vond van de mens en wat hij de wereld aandoet. ‘Haar rake antwoord “Nature will always find its balance and if the earth doesn’t want us anymore, she will shake us off like flees” zal ik niet snel vergeten.’ ‘Maar,’ vervolgt ze meteen ‘ik heb hoop, want deze generatie is zich er steeds meer van bewust dat groei niet meer de oplossing is. Groei aan banden leggen, betekent uiteraard minder verdienen. Het gaat een keer klem lopen,’ overpeinst ze. ‘Ik hoop ook dat meer mensen van zich laten horen over hoe belangrijk de zeeën en oceanen voor onze toekomst zijn.’

Hoe dan? ‘Veranderen is moeilijk. Ik koop bijvoorbeeld nog steeds plastic flessen water, zoals overigens vele Spanjaarden, omdat het water uit de kraan ondrinkbaar is. Wel scheid ik het plastic. En ik rijd nog steeds auto, want is nodig voor mijn werk. In November vlieg ik bovendien naar Noorwegen om voor de vierde keer met een groep mensen elke dag het koude water op te gaan om walvissen te kunnen spotten, wat echt een ongelofelijke ervaring is,’ zegt ze met een big smile. ‘Nee, ik ben niet perfect.’

En als het zo niet helemaal lukt, klimt Wietske in de pen naar de Noorse minister van Visserij. In Noorse wateren wordt nog steeds gejaagd op een beschermde soort walvis. Tot haar verbazing kreeg ze antwoord terug, waarin de betreffende minister repte over de sterke Noorse traditie; Noren zijn nu eenmaal excellente jagers. Tja, dat stemt dan weer weinig hoopvol.

Respect

Diezelfde masculiene cultuur tref je ook aan op de Faroër eilanden, waar jaarlijks een brute slachting plaatsvindt onder honderden dolfijnen. ‘De eerste man die hiertegen openlijk durft op te staan in deze gemeenschap en te zeggen dat het niet klopt, dat is pas een echte man,’ aldus Wietske. ‘Als mensen de natuur beter leren kennen, ontstaat er meer begrip en respect voor alles wat leeft. En dat komt ten goede aan het welzijn van de zeeën en oceanen en hun bewoners.’

‘Maar het is zo tegenstrijdig,’ concludeert ze. ‘Liefde voor de zee, dieren, en dan in het bijzonder voor dolfijnen, betekent ook dat ik ze met rust moet laten. Steeds wil ik ze zien en wil ik bij ze blijven, maar als ik echt van ze houd, moet ik ze laten, daar in de rust waar ze wonen.’

 

Beeld materiaal: Wietske Hoekstra

Mijn gekozen waardering € -

Schrijft op Mallorca over klimaat, duurzaamheid, politiek, dierenwelzijn en onderwerpen die het recht raken. Voorheen jurist in Nederland.